nieuwjaar

Alleen nog maar bio-groenten, nam hij zich voor. Hij kon het niet helpen om naar de knipperende kerstboom in de hoek van de vroegere paardenstal -dat had hij opgevangen uit een gesprek tussen de uitbaatster en de gasten aan de grote houten tafel naast hem- te kijken. Wat een manier om het nieuwe jaar te beginnen.
Om te voorkomen dat zijn gedachten weer de voorspelbare kant op zouden gaan, begon hij op de papieren placemat de namen van wijnen die hij herkende te omcirkelen. Het viel niet mee om zich daarop te concentreren, want aan het tafeltje achter hem zat een meisje, haast volledig geperforeerd met piercings, luid te videobellen met een Franse bulldog op haar schoot. Haar tafelgenote verontschuldigde zich in haar plaats, tot groot vertier van de overige eters in het lokaal. Thuis kon je niet rekenen op zo’n luchthartige reactie, en hij moest de reflex onderdrukken om zich een luide zucht te laten ontvallen.
Hij begon de wijn al te voelen, mooi zo. Hij had een glas spritzer als aperitivo besteld en een glas rode wijn voor bij zijn burrata, maar beide glazen en het het hoofdgerecht waren allemaal tegelijk gekomen, waardoor hij het nu op een zuipen moest zetten wilde hij de combinatie van de wijn met de kaas recht doen en ondertussen niet de ijsklontjes in zijn spritzer laten smelten. Misschien dacht de ober, een slungelige jongen met opgetrokken schouders en een vlassig plukje haar op zijn kin, dat er nog een gast zou komen opdagen voor het tweede glas. Het was tenslotte oudejaarsavond. Een prettige bijkomstigheid van zijn drinktempo: hij zag de groenten op zijn bord dubbel. In verhouding was het wat veel courgette, maar zo leek de hoeveelheid rode en gele paprika tenminste ook nog ergens op. En zo leek het toch nog alsof hij met twee aan tafel zat.
Desalniettemin waren zijn bord en de glazen in no-time leeg. Toen hij bijgevolg in zijn ooghoek een paarse vlek voorbij zag drijven, dacht hij dan ook heel even aan het hallucineren te zijn geslagen. Hij keek op en zag een volledig in het paars gehulde vrouw langs zijn tafel schrijden. Aan de lijn voerde ze een hond mee die in een al even pimpelpaars dekentje was gewikkeld. De Franse Bulldog van het meisje met de piercings merkte ook de hachelijkheid van het tafereel op, en zette het op een blaffen. Het meisje moest nu haar telefoon neerleggen en al haar gewicht in de strijd gooien om niet door het restaurant te worden geslingerd. Alle blikken waren nu op de honden gericht, maar niemand onderbrak zijn gesprek of greep in. In de aangrenzende ruimte werd slechts een slinger aan de volumeknop van de muziek gegeven. It’s where the treetops <woof!> treetops glisten <woo-woo-woof!> they’ll try to listen <woof> to hear, to hear …
Tegen zijn vrienden en familie thuis noemde hij dit zijn ‘inspiratiereizen’. Hij hield hen en zichzelf voor dat hij die om professionele redenen alleen moest doen, maar in alle eerlijkheid had hij geen flauw idee hoe hij met iemand samen zou moeten reizen. Of om samen met iemand te zijn of überhaupt iets samen met iemand te doen. De ironie wilde dat hij hier nu in Verona zat, waar je dus werkelijk alleen maar stelletjes zag. Het irriteerde hem wel dat hij altijd op een of ander meta-niveau zat terwijl de rest van de wereld zich prima leek te amuseren met simpele geneugten – goed eten, acceptabele wijn, matig gezelschap -, maar hij wist niet hoe hij het moest veranderen. Hij vroeg zich dan ook steeds vaker af of er iets mis met hem was. Of hij misschien meer in zijn hoofd leefde dan in de échte wereld. En was dat erg? Problematisch? Of was dat nu eenmaal eigen aan het schrijverschap?
Hij vroeg zich af of hij naar huis wilde. Nee. Tenminste, hij dacht van niet. Wilde hij dan hier blijven? Nee, ook niet echt. Wat wilde hij dan? Waarom kon hij op die vraag nu nooit eens gewoon een antwoord geven?
Hij trok zijn jas aan. Misschien was er nog ergens vuurwerk te vinden.

Plaats een reactie