in den beginne

Ik ben al een poosje op zoek naar een goed citaat om deze blog, deze eerste blogpost, om dit verhaal mee te beginnen, maar misschien wil het feit dat ik er geen vind zeggen dat het hoog tijd is om mijn eigen woorden te gebruiken. Misschien weet ik nog altijd niet goed hoe het verhaal te openen, maar wel dat ik moet en wil beginnen met vertellen.

Het jaar 2020 was voor iedereen markant, en voor slechts weinigen in positieve zin (want ja, een humanitaire crisis). Ik kwam, net als de meeste anderen, gedwongen tot stilstand. Dat de wereld plots een stillere plek werd, maakte dat ik naar binnen keerde. Zoals het antwoord op de vraag wat je zou meenemen uit je brandende woning illustreert wat het meest belangrijk is in je leven, is waar je aan denkt op de vooravond van het vergaan van de wereld wellicht illustratief voor wat je écht met je leven zou doen. In mijn home office aan zee besloot ik ongeveer een jaar geleden dat ik misschien maar eens gehoor moest geven aan mijn levenslange (en ronduit compulsieve) neiging tot schrijven.

Na de eerste golf van de ellende waarin we mondiaal gezien verkeren schreef ik me in voor een schrijfopleiding aan de Muziekacademie van Anderlecht. Na al het naar-binnen-gekeer van de afgelopen dertien maanden, ontstaat stilletjes aan de behoefte om naar buiten te treden. (En ja: dat is doodeng, want je verhaal delen met de buitenwereld betekent ook dat het afgeslacht kan worden.) Een verhaal is nu eenmaal pas een verhaal wanneer het wordt verteld.

Wat op deze blog te lezen valt zijn oefeningen in de kunst van het vertellen. Het zijn affe en onaffe gedachten, (vorm)experimenten, stijloefeningen, flarden van ideeën en uit het leven gegrepen indrukken gevangen in zinnen, die zich bevinden tussen schrijftafel en vergetelheid. Ze hier delen betekent overlopen, als een emmertje dat vol zit en het water niet meer in zichzelf kan bergen. Dat u ze leest (waarvoor dank), maakt ze tot een verhaal.

Plaats een reactie